-
-
-
- De "Gieterse" tak van onze familie vestigden
zich, in de 18e eeuw, vanuit Overijssel als eerste in Haskerland en Schoterland, een deel
trok van daaruit voort naar resp. Opsterland, Smallingerland en Aengwirden. Zij kwamen
niet allemaal uit Giethoorn, maar ook uit andere plaatsen in Noordwest-Overijssel, zoals
Wanneperveen, Beulake, Zuidveen, Kalenberg, Muggebeet, het buurtschap Op Swol.
- De eerste Gietersen arriveerden in Oudehaske en Nijehaske
in het jaar 1750. De immigranten begonnen met de natte vervening in het grensgebied tussen
deze twee dorpen. De Gietersen introduceerden een geheel nieuwe methode van vervening,
namelijk het zogenaamde slagturven. Voor hun komst gebeurde dit volgens de zgn. Oud Friese
methode. Daarbij groef men turf uit lange petten, gaten waartussen men stroken land liet
liggen om daarop de gestoken turf te laten drogen. Deze stroken werden ribben genoemd. Na
verloop van tijd groeiden de petten vanzelf weer dicht zodat er in een periode van 100
jaar weer weidbaar land ontstond en er eventueel opnieuw verveend kon worden. Een
natuurlijke kringloop voor mens en natuur. De Gietersen hadden een andere, grondiger
methode. Zij gebruikten een zgn. baggerbeugel. Dit was een soort schepnet waarmee de
veenmassa werd losgemaakt van de onderliggende zandbodem en deze substantie werd vanonder
de waterspiegel naar boven gehaald. Men kon langer doorgraven en er hoefden geen ribben
meer te blijven zitten waarop uitgegraven veen werd gedroogd. Die werden gewoon het jaar
daarop aangepakt. Zo ontstonden er geen lange rijen petgaten, maar bleef er een grote
waterplas over die niet meer verlande maar groter werd door afbrokkeling en afslag. De
massa legde men in een laag van ca. 20 cm op het vaste land te drogen en werd vervolgens
vastgetrapt. Hierna werden er strepen getrokken en verdeelde men de specie met een soort
spade in blokjes. Vervolgens werden de turfblokken gekeerd en opgestapeld, zodat ze verder
konden drogen. Bij deze methode haalde men de gehele veenlaag weg en bleven er geen
stroken land bestaan. Hierdoor ontstonden grote waterplassen, zoals de Beulaker, de
Belterwiede, het Nannewied e.d. Bij het slagturven was het voorjaar de drukste tijd van
het jaar. In de periode tussen Pasen en Pinksteren werd het veen opgebaggerd. Dit gebeurde
door losse veenarbeiders (veenwerkers). Ze deden het zware baggerwerk meestal in groepen
van twee, soms in grotere groepen van zo'n vijf tot zes man. Bij een groep van twee was de
arbeidsverdeling dan zo dat een het veen opbaggerde en de ander de specie op de legakkers
uitspreidde. Deze arbeiders hadden een los dienstverband van zo'n zes weken, waarna ze
vaak als maaier en hooier aan de slag gingen. Het aanmaken en het drogen van de turf werd
gedaan door zgn. turfmakers. Zij waren tevens belast met het vervoerklaar maken en het
laden van de turf. Vaak ook verzorgden zij de huisvesting van de losse turfarbeiders. Over
het algemeen behoorden de tufmakers tot de "Gieterse" bevolking en werden ze
aanvankelijk als een elite onder de veenwerkers beschouwd. De turfmaker had een min of
meer vaste baan met zijn werkgever, de veenbaas. Aan de top van de beroepsgroep stonden de
veenbazen, in Overijssel ook wel turfbazen of turfboeren genoemd. Zij waren kleine
ondernemers en werkgevers. Zij hadden zowel turfmakers als veenwerkers(arbeiders) in
dienst. Gemiddeld werkten bij een veenbaas een tot twee, soms drie turfmakers en vier tot
acht arbeiders. Voor zijn bedrijf bezat hij grond en kapitaalgoederen in de vorm van
gebouwen, zoals turfschuren, zgn. tenten, woningen voor de turfmakers en poepetenten,
woningen voor de trekarbeiders, vaartuigen (zgn. bokken en/of punters) en allerlei
verveningsgereedschappen. Veel veenbazen hadden een of meer nevenberoepen, met name als
veehouder en/of als winkelier. Ook werkten ze vaak als turfmaker mee op hun eigen bedrijf.
Daarnaast waren er verschillende veenbazen die hun beroep combineerden met dat als
veehouder. In die gevallen werden ze huisman(=eigenerfde boer) genoemd. Wat de beloning
betreft, in het begin van de 19e eeuw verdiende een veenwerker in het Friese
laagveen fl.
0,70 tot fl. 1,30 per dag. In Haskerland en Aengwirden verdiende men het minst, resp. fl.
0,70 en fl. 0.80 per dag. In de andere laagveengrieternijen lag het dagloon een stuk
hoger, gemiddeld fl. 1,20. Dit betekende dat een arbeider in het hoogseizoen, dat ongeveer
zes weken duurde, hoogstens fl. 50,-- verdiende. Aan het eind van de 19e eeuw ontving een
losse veenarbeider inclusief zijn werkzaamheden buiten de turfgraverij niet meer dan fl.
200,-- tot fl. 250,-- per jaar. Turfmakers waren beter af en verdienden aan het einde van
de 19e eeuw fl. 240,-- tot fl. 300,-- per jaar. Zij hadden dan de woning en de brandstof
gratis. Als vrouw en kinderen meewerkten, dan liep het jaarloon op tot fl. 400,-- tot fl.
450,-- per jaar.
- In onze familie komen de volgende Gieterse namen voor:
Bakker, de Leeuw, Klaren, Klomp, Kool, Krol, Krikke, Maat, Mast, Mol, Mink, Nooij,
Oord(Oort), Otter, Petter, Schipper, Scholte, Smit, Stobbe, van der Veen, Visser, van
Zwol(le).
-
-
-
- HASKERLAND
-
- Sint
Johannesga
- In Sint Johannesga kwam de Gieterse
immigratie pas in de jaren 1760 goed op gang. In deze periode arriveerden
o.a. leden van de families Klaren (1761), Oord(1764), Mast (1766), en de
familie van Zwol (1767). In het volgende decennium nam de immigratie
aanmerkelijk toe, het aantal huishoudens steeg van 31 in 1770 tot 80 in
1780. Nieuwe namen die in deze periode opdoken waren o.a. Maat, Schipper,
Smit.
-
- Rotsterhaule
- De Gieterse immigratie ving in Rotsterhaule
iets later aan dan in Sint Johannesga. In de tweede helft van de jaren 1760
nam de immigratie maar heel langzaam toe. Nieuwkomers waren o.a. Harmen
Geerts van Zwol en Klaas Berend Mink in 1766 en Hendrik Hendriks van Zwol in
1770. In totaal kwamen er in de jaren zestig zo'n 15 Gieterse gezinnen naar
Rotsterhaule. Opmerkelijk is dat het merendeel van hen naast elkaar woonde.
Dit blijkt uit de speciekohieren. Op de nummers 12 tot en met 16 woonden achtereenvolgens: Ten Hoeve, Van Zwol, Ooms, Akkerman, Mink en
Spijkholt.
-
-
- SCHOTERLAND
-
- Rohel
- Rohel was de kleinste van alle
nederzettingen in West-Schoterland. De buurtschap omvatte omstreeks 1770
niet meer dan acht tot negen huishoudens. Pas in de jaren 1770 kwam de
immigratie van verveners in dit dorp goed op gang.
- De trek begon in 1769 met de komst van Klaas
Klaases Smit. In de jaren 1770 volde o.a. Jan Roelofs Scholten. In de jaren
tachtig arriveerden acht immigranten in Rohel, van Gieterse afkomst was
o.a.Jacob Jans van Zwol en Jan Roelofs Bakker.
-
-
-
- AENGWIRDEN
-
- De instroom van de Gieterse verveners kwam in
de grietenij Aengwirden pas goed op gang in de jaren 1790. In dat laatste
decennium arriveerden tenminste ruim 70 Gietersen in Aengwirden. Rond 14
personen waagden de overstap naar deze grietenij, onder hen Berend Klazes
Mink in 1787. In de jaren negentig kwam de immigratie in een
stroomversnelling, met name na 1795 en ook daarna, in het begin van de 19e
eeuw. Tot 1800 kunnen er in totaal zo'n 90 gezinnen van Gieterse afkomst in
Aengwirden gesignaleerd worden. Het grootste deel, ongeveer driekwart, kwam
uit de naburige grietenijen Haskerland en Schoterland. In de jaren 1780
kwamen o.a. Klaren, Klomp, Knol, Mast, Mol, Mink, Smit, Stobbe, en van Zwol
naar Aengwirden. Laatstgenoemde familie werd zeer bekend in Aengwirden.
-
- Gersloot
- Bekijken we de situatie per dorp, dan blijkt
dat er in 1796 in Gersloot, in het uiterste oosten van de grietenij, nog
geen enkele Gieterse turfgraver woonde. (De familie Liemburg, komende uit de
Noorderdragten hadden zich hier reeds omstreeks 1780 reeds gevestigd aan de
Oudeweg). Er werd wel verveend, getuige de aanwezigheid van een drietal
houten arbeiderstenten. Deze waren bestemd voor zo'n negen gezinnen.
Gersloot was in de periode voor 1796 sterk gegroeid, van 51 inwoners in 1744
tot 146 personen en 25 huishoudens in 1796. De economische situatie was er
echter aan het eind van de 18e eeuw niet rooskleurig. dit blijkt uit de
melding van vrij veel afgebroken huizen, namelijk zeven stuks in 1796. Tot
het eind van de jaren 1790 kwam een viertal gezinnen naar Gersloot,
waaronder de familie van Zwol.
- In 1805 was de situatie in Gersloot echter
verder verslechterd. Het aantal onbruikbare woningen was gestegen tot 14 en
het aantal huishoudens gedaald tot 20.
-
- Tjalleberd
- Het aangrenzende dorp in westelijke richting
was Tjalleberd en deze gemeenschap werd veel sterker dan Gersloot door de
Gieterse immigratie beïnvloed. Het dorp, dat in 1749 nog 43 gezinnen telde,
groeide uit naar 61 huishoudens in 1796. Het aantal bewoners steeg van 171
in 1744 naar 246 in 1796. In laatstgenoemde jaar woonden er al tenminste 18 Gieterse
gezinnen, waaronder van Zwol, Klomp en Klaren. Ongeveer 30%van alle
huishoudens was van Overijsselse afkomst. In de volgende tien jaar groeide
de bevolking sterk, met ruim 30 naar 92 huishoudens in 1805. Het percentage
Gietersen nam eveneens sterk toe, naar ca. 70% in 1805. Dit percentage werd
eerder ook gehaald in dorpen als Oudehaske, Sint Johannesga en Rotsterhaule.
Enkele nieuwe namen waren Mol en Feijer.
-
- Luinjeberd
- De volgende nederzetting, Luinjeberd was
aanzienlijk kleiner dan Tjallebert, maar de Gietersen kwamen ook in dit dorp.
-
- Terband
- Het laatste dorp van Aengwirden was Terband.
Het grootste deel van de bevolking woonde aan de Terbandsterschans, vlakbij
Heerenveen. Het oorspronkelijke boerendorp was aanzienlijk minder bevolkt
dan de schans en telde in 1796 14 huishoudens. Hieronder drie Gieterse,
waaronder Harmen Koops Mast.
- Wat de welstand van de Gietersen in
Aengwirden betreft, het is opvallend dat er geen turfgravers voorkwamen die
hun beroep combineerden met dat van veehouder. Waarschijnlijk waren het
vooral turfmakers en kleine veenbazen die naar Aengwirden trokken.
-
-
- OPSTERLAND
-
- De trek van de Gietersen naar het westen van
Opsterland begon in de jaren 1790 in de dorpen Luxwoude en Langezwaag. In
Terwispel en Beets kwam de immigratie pas veel later op gang. In Terwispel
begon deze in de loop van de 19e eeuw. In 1811 woonden er nog maar vier
gezinnen met een Overijsselse familienaam. Onder Beets begon de vervening
nog weer later, namelijk in de tweede helft van de 19e eeuw. Velen van hen
waren Gieterse immigranten van de tweede of derde generatie. Zij kwamen
merendeels uit de aangrenzende grietenijen. Daarnaast was een groot deel van
de Beetster nieuwkomers afkomstig uit West-Stellingwerf en in iets mindere
mate rechtstreeks van Noord-Overijssel.
-
- Langezwaag
- In 1791 vestigden zich de eerste Gietersen
in Langezwaag. Pas in 1796 kwam de immigratie druppelsgewijs op gang. Vanaf
1796 arriveerden er jaarlijks een tot enkele nieuwe gezinnen. De rij werd
geopend door Harmen Jans van Zwol en Koop Jacobs Mast. Van Zwol kwam rechtstreeks
uit Sint Johannesga , waar zijn vader als vervener had gewerkt.
In 1811 woonden er tenminste 24 Gieterse gezinnen in Terwispel, die er hun
familienaam lieten vastleggen.
-
- Luxwoude
- In Luxwoude was de toevloed van de Gietersen
geringer, maar het dorp was dan ook veel kleiner. In de jaren 1790 woonden
er niet meer dan twee tot vier gezinnen. In 1805 was dit aantal toegenomen
tot zes huishouden, waaronder twee Gieterse. Daarna moet de groei zeer groot
zijn geweest. In 1811 werden er 315 inwoners geteld en waren er zeker 16
gezinnen van Overijsselse afkomst. In 1799 vestigde er zich o.a. Johannes
Jans van Zwol. In 1805 woonden er volgens het speciekohier twee Gieterse
gezinnen, namelijk van Hendrik Koning en Johannes Jans van Zwol. Van Zwol
was de enige van de twee, die toen enkele koeien hield. Opmerkelijk was dat
van bepaalde families meerdere leden naar het westen van Opsterland
verhuisden. De familie Mast was er het meest vertegenwoordigd. Acht gezinnen
van deze familie werden in de periode tot 1810 in Langezwaag aangetroffen.
De familie Knol kwam toen vier keer voor in Langezwaag. De families van Zwol,
Kamst en de Heij werden vertegenwoordigd met drie huishoudens, deels in
Luxwoude, deels in Langezwaag. Verder kwamen familienamen zoals Leeuw, Smink,
Kollen, Kuik, Akkerman en Koning, tot 1811 meer dan een keer in Opsterland
voor.
- This page was last updated
on: 15-08-2000
-